Op zondag 29 maart 2026, net voor de middag, organiseerde Johan van Meer in Hapert een actie om zijn overschot aan aardappelen te verkopen. Met meer dan een kwart miljoen kilo aardappelen over, besloot hij deze voor een lage prijs van tien euro per vijftig kilo aan te bieden.
De actie trok honderden mensen aan, die al vanaf tien uur in de rij stonden, een uur voor de officiële start om elf uur. Onder hen waren ook Antoon van der Linden, die 200 kilo aardappelen meenam, en Vladimir Lipsts, die 100 kilo kocht. Anja voegde zich bij de rij en nam 50 kilo mee.
Johan van Meer gaf aan dat, ondanks de grote belangstelling, hij verwacht dat een gedeelte van de aardappelen op de composthoop zal belanden. Dit is een zorgwekkende ontwikkeling, aangezien de overschotten in de aardappelproductie telers mogelijk dwingen om aardappelen te vernietigen.
De Boerenbond heeft telers gewaarschuwd dat de vernietiging van aardappelen vooraf bij de fiscus gemeld moet worden. Dit benadrukt de ernst van de situatie, waarin veel aardappelen niet verkocht kunnen worden door de huidige marktomstandigheden.
De achterliggende oorzaak van dit overschot is te vinden in hogere importheffingen in Amerika en een toegenomen productie in Azië. Dit heeft geleid tot een ongekende situatie voor veel Nederlandse telers.
Initiatieven zoals ‘Ode aan de patat’ proberen overtollige aardappelen bij de consument te krijgen, maar de vraag blijft of dit voldoende zal zijn om de problemen op te lossen.
Johan van Meer merkte op: “Iedere kilo die op deze manier een plekje krijgt, is mooi meegenomen.” Dit sentiment werd gedeeld door Antoon van der Linden, die zei: “Als je hier niet naartoe komt, ben je een dief van je eigen portemonnee.”
Vladimir Lipsts voegde eraan toe: “Wij gebruiken thuis altijd veel aardappelen tijdens het koken. Dan is dit natuurlijk een hele goede prijs.” Dit geeft aan dat er nog steeds een sterke vraag naar aardappelen is, ondanks de overschotten.
De situatie rond de aardappelen in Hapert is een duidelijk voorbeeld van de uitdagingen waarmee de landbouwsector momenteel wordt geconfronteerd. Voedselverspilling blijft een belangrijk probleem, en Johan van Meer concludeerde: “In het kader van voedselverspilling vind ik dat natuurlijk het ergste.”
De ontwikkelingen rondom de aardappelproductie en de verkoopacties zoals die van Johan van Meer zijn cruciaal voor zowel telers als consumenten. Het is een indicatie van de huidige marktdynamiek en de noodzaak om voedselverspilling te verminderen.
Meer verhalen
Thailand: Updates over : Futsalteam en zonne-energie
Manaus: Belangrijke ontwikkelingen in
Brasserie Le Paris in Leidschendam: Controverses rond recensie