Noord-Korea heeft zijn grondwet aangepast om Zuid-Korea niet langer als een partner voor vereniging te beschouwen. De wijziging werd op 6 mei 2026 doorgevoerd.
In de nieuwe grondwet wordt Zuid-Korea erkend als een aparte staat. Noord-Korea noemt het land in het zuiden nu een ‘vijandelijke staat’. Dit volgt op de erkenning van deze status in 2024.
De wijzigingen zijn significant. Noord-Korea spreekt niet langer van ‘de noordelijke helft’ van het schiereiland. Dit markeert een verschuiving in de officiële retoriek van het regime.
Kim Jong-un is bevestigd als staatshoofd van Noord-Korea. Hij heeft nu ook het grondwettelijk commando over het Koreaanse nucleaire arsenaal. De Noord-Koreaanse Volksvergadering kan hem niet langer afzetten.
Noord-Korea heeft nooit formeel vrede gesloten met Zuid-Korea na de Korea-oorlog, die eindigde in 1953. De grens tussen de twee landen wordt sinds de wapenstilstand zwaar bewaakt.
Kim Jong-un verklaarde eerder dat het bereiken van één Koreaanse staat niet op vreedzame wijze haalbaar was. Dit versterkt de huidige vijandige houding tegenover Zuid-Korea.
Officieel heeft Noord-Korea gesteld dat het ‘nooit enige inbreuk’ op zijn grondgebied zal tolereren. Dit benadrukt de gespannen situatie in de demilitariseerde zone tussen beide landen.
Meer verhalen
Vitale infrastructuur: Nederland aangeklaagd door de EU
Pim Fortuyn
Bevrijdingsdag in Utrecht